Het 4V-model

Zoals steeds kiezen we eerst en vooral voor het STOP-principe dat voorrang geeft aan Stappers, Trappers en Openbaar Vervoer voor het plaats maakt voor Privé-wagens. Verder vinden we dat iedereen het recht heeft om zich te mogen verplaatsen en dat een overheid voor elke burger een basisbereikbaarheid moet garanderen.

We combineren die belangrijke mobilitietsprincipes met het 4V-model: Vermijden, Verkorten, Verschuiven, Verschonen.

De beste verplaatsing is die die je kan uitstellen of niet hoeft te doen: Vermijden. Dat kan door nieuwe flexibele werkprincipes ingang te laten vinden, zoals telewerken of satellietkantoren in de buurt van de woonplaats van de werknemer. Op die manier hoeft niet iedereen zich op hetzelfde moment naar dezelfde locatie te begeven en worden de wegen ontlast.

Verkorten betekent het inkorten van pendeltijd en pendelafstand. We zetten in op nabijheid en een kortere woon-werkverplaatsing. We stimuleren mensen dus om dichter bij het werk te gaan wonen of een job te zoeken dicht bij huis. Zo kunnen ze zich makkelijker op een duurzame manier verplaatsen.

Vandaag is de gemiddelde woon-werkafstand in België al amper 15 tot 20 km en in de omgeving van Brussel is dat zelfs maar 12 km. De (elektrische) fiets wordt dan vaak het snelste vervoermiddel. Mensen die zich met de fiets (of te voet) naar het werk begeven, dragen bij aan hun eigen gezondheid, die van anderen, files verdwijnen, de druk op de open ruimte wordt verlicht, uitlaatgassen zijn verleden tijd, je komt energieker toe op je werk, het komt de economie ten goede en het klimaat vaart er wel bij.

Het Verschuiven van de lasten op arbeid naar een heffing op milieu-effecten zet automobilisten aan om de auto meer te laten staan (omdat die duurder wordt) en de fiets te nemen of in te zetten op het ‘Vermijden’ of ‘Verkorten’. De overgang van een autosamenleving en –inrichting naar een samenleving gebaseerd op actieve modi die op elkaar afgestemd zijn, is de basisvoorwaarde voor een gezond en  en efficiënt mobiliteitssysteem.

Verschonen zet tenslotte in op de overgang naar een koolstofarme maatschappij. Europa en haar lidstaten mikken op 2050. Wij willen die fossiele brandstoffen graag sneller zien verdwijnen. Elektrische wagens kunnen een deel van het huidige autopark vervangen maar zijn geen zaligmakende oplossing. Een file van ‘schone’ wagens, blijft een file en dus werken we ook aan een verlaging van het de autodruk. Als we inzetten op een aantal strategische knooppunten waar alle voorzieningen voorhanden zijn, kunnen hoogwaardige, regelmatige en directe Openbaar Vervoer-lijnen veel meer passagiers dan vandaag vervoeren, met oog voor kwaliteit, comfort en betrouwbaarheid.